vrijdag 11 juli 2014

Week 2

 Ja, weken zijn een flexibel begrip hier. Ik denk meer in blokken dan in kalenderweken. Maakt niet uit, ik snap wat ik bedoel. Al kan ik er natuurlijk over vallen. Maar weet je, tegenwoordig kan je overal over vallen. Is het niet, Ilse?

Het is echt niet moeilijk om overal over te vallen.
We beginnen zachtjes, en dan is het weer natuurlijk ideaal. Zeker dit weer.

Dat het toch geen zomers meer zijn als vroeger. Zoveel regen zeg, en al die wind, awel merci voor al die mensen die nu verlof hebben. Zelfs in het Zuiden is het slecht weer! 

En moet je eens weten? Ik ging naar de kapster, dat mens smeert halve pullen weet-ik-veel-wat op mijn hoofd, maar ik moest door de gietende regen naar huis. Zeiknat was ik! En mijn haar dan! Ik zag er als een verwaaide vogelverschrikker. En dat midden in de zomer!

Was ik diezelfde avond bovendien ook niet mijn portefeuille vergeten in de bib zeker? Hopla, weer naar het stad om die te halen. En over 't stad gesproken: is er geen rally, dan is er Europese Top, en anders laten we de Tour daar gewoon starten. Wel ba ja, voor zulke dingen is er geld hé...
 
't Is lik met die voetbal. Een bende idioten die minstens een villa per week verdienen, en dat door gewoon tegen een balletje te trappen. Schandalig is het, echt schandalig. Ik ga wel 11 dagen aan één stuk werken hoor, pffft, dat is ook een beetje van het goede teveel hoor, zeker als je dan nog eens een geplande vrije namiddag moet opgeven. 

En verbrandt Marijs haar knie niet zeg? Lap! Tweedegraads, hopla! Volgens de dokter mijdt ze best het zwembad de komende tijd. Als dat geen streep door onze rekening is. Best dat we zo snel naar de dokter konden! Voor de tandarts moet ik verdorie bijna 2 maanden wachten tegen dat hij een gaatje heeft voor mij. Dus ik behelp me ondertussen met mondspoeling, bah, heel de dag een slechte smaak in mijn mond.
 
Je ziet, echt een makkie hé.
Maar ik kies voor de andere bril.
 
Het is nochtans niet dat ik een optimist ben. Ik kan best goed andere mensen oppeppen en ondersteunen, maar naar mezelf toe ben ik daar niet zo sterk in. Nochtans ben ik ook geen pessimist, denk ik. Gewoon een realist met een soms somber kantje.
 
Toch weiger ik te kankeren. Te zagen en te zeuren over elke prul.
Ik geef toe: het lukt me niet altijd. Maar ik probeer het wel.

De Tour interesseert me geen fluit, maar duizenden mensen in Ieper dachten daar blijkbaar anders over. Toen ik doorregend thuis kwam, riep de buurman "Mo ben jij toch een beer van een vrouwmens", en ik was op slag een pak vrolijker. Oef, dat ze mijn portefeuille gevonden hadden in de bib, en als het regent geraakt onze regenput tenminste weer gevuld. 't Was weer gezellig lopen deze week, 8 kilometer met Rebecca en 7 met Charlotte, en super dat Rebecca dat truitje is gaan afhalen voor ons. Nochtans was ik straatversleten na mijn druk werkweekend, maar door het lopen kikkerde ik weer helemaal op. En bovendien: ik lach het meest van al als ik moe ben. Ik deed haast in mijn broek van het lachen in de auto, zodat de kinderen begonnen te vragen "Wat is er met mama eigenlijk?" We kwamen van de Fun waar we een dik uur spendeerden en dat is echt wel lang, geloof me, maar geweldig dat onze Grote maar blijkbaar toch nog steeds Kleine Ida met haar verjaardagsbonnen een knuffelbeer kocht, en een pakje kauwgom en een stylo. Fijn ook dat Ilse haar voet brak - nou ja, fijn dat ze door omstandigheden in Ieper belandde waardoor wij samen bij de Chinees eindigden. Wat betekende dat Karel de hele dag voor de kinderen zorgde en ik hoop en al een uur in huis was, maar daar klaagt hij niet over. Hij is blij dat ik mijn vriendin zie.

Natuurlijk kunnen en moeten we niet alles plat relativeren.
Maar dat we mogen verdorie blij zijn dat we leven en gezond zijn.
En dat je op de wind geen invloed hebt, maar wel op hoe je de zeilen zet.

vrijdag 4 juli 2014

Week 1

Zo, vakantieweek één is achter de rug.
Nou ja, vakantie voor hen. Ik ben aan het werk.
 
En mijn week is eigenlijk nog niet achter de rug.
Dit weekend doe ik van elke soort plechtigheid eentje. Drie in totaal.
 
Maar soit, het zijn vitters die over details vallen.
 
De eerste vakantieweek dus,
al moest er elke dag stipt opgestaan worden om naar het kamp te gaan.
 Het was rustiger dan normaal, al hadden we dagelijks een kind meer in huis.
De boterhamdozen moesten nog altijd worden gevuld,
 zwemzakken gecontroleerd, en ze konden niet zolang opblijven als ze willen.

Het was niet zozeer druk, maar eerder vermoeiend.
Ik plofte 's avonds later dan anders in de zetel,
en van zodra mijn hoofd mijn kussen raakte, sliep ik al.

Maar toch benaderde deze week het romantische en idealistische idee
dat ik vroeger had van het leven met kinderen.

Nichtjes die hier logeren,
Ida die met het ene nichtje bij diens oma gaat spelen,
en dan 's avonds naar huis wordt gevoerd.

Marijs die haar eerste kampje volgt met haar klasgenootje,
dat vriendinnetje meestal mee in onze auto,
Marijs die daar gaat logeren,
een foto van de 2 stralende meiden in bed,
en dat alles goed gaat, en dat ze zo'n lief meisje is.

Ida en nichtje die de aangeleerde circuskunstjes showen,
Palle die een grachtenparcours aandurfde,
Marijs die een echte heks ontmoette op een Rode Berg.

Een lange tafel vol borden en glazen,
een grote pot spaghetti, frietjes à volonté,
tussendoor vlug nog even een appel crumble bakken en smoothies mixen,
en kijken of ze hun haar wel goed gespoeld hebben.

Wat kan het leven mooi zijn, als je de kleine dingen weet te appreciëren.

dinsdag 1 juli 2014

Pre-congé

Veel deden we niet meer de laatste tijd.
Enfin, het is te zien hoe je het bekijkt natuurlijk.
 
Er werd namelijk massa's veel gedaan.
Drukke periode op school, veel verbeteren, rapporten, oudercontact,
drukke periode op mijn werk, deadlines en vergaderingen,
kinderen met einde-schooljaar-gedrag, schoolreis, sportdag, proefwerken...
eigenlijk werden er bergen verzet.
 
Maar 'doen', in de zin van 'samen iets ondernemen',
een uitstapje of zo: niet meer. Ik herinner me het alleszins niet.
 
Vandaar dat de 1ste dag van de grote vakantie zo welgekomen was.
Ik voelde me toch al redelijk in verlofstemming,
al zit ik sinds maandag alweer in een werktiendaagse.
 
Maar die eerste vakantiedag dus.
 
Eerst naar de markt, en dan niet moeten koken, altijd goed voor mij.
Loombandjes gekocht die hopelijk wat dode Franse momenten gaan kunnen opvullen.
 
 
Daarna: cadeaubon inruilen voor supergrote fluoroze oorringen,
lippenstift en haar vierde sjakosh.

 
Cadeaubon inruilen in de boekenwinkel.

 
Binnenwippen in enkele andere winkels.

 
Om tenslotte onze voeten onder de tafel te schuiven bij onze neefjes
maar niet zonder eerst in de carwash te passeren.

 
Super, zo'n dag waarop alles mag,
maar niets moet.

donderdag 26 juni 2014

Rapport

Cliché's: me like!
 
Dat elk huisje zijn kruisje heeft, elke vogel zingt zoals hij gebekt is,
en dat de tijd vliegt en wat worden ze toch snel groot.
 
Ze worden verdorie echt snel groot.
Van de 3 oudercontacten zijn er ondertussen al 2 rapportbesprekingen.
En die waren goed, echt goed.
 
Ik besef absoluut wat voor een luxe dat is, kinderen die vlotjes een leerjaar doorlopen. Het lijkt me als ouder een bijzonder lastige opgave om je kind te motiveren zijn best te doen en na een hele dag op de schoolbanken aan zijn huiswerk te beginnen als de interesse er niet is, of als het gewoon moeilijk gaat. Om dan nog maar niet te spreken hoe het voor het kind moet aanvoelen. Dus als er gesproken wordt over blessings tellen, wel, dat is er absoluut eentje van.
 
Toch waren het niet de cijfers die me het meeste plezier deden.
Wel de feedback over hoe ze door de juffen ervaren worden.
 
Dat het aangename leerlingen zijn om in de klas te hebben.
Dat ze zichzelf goed kunnen inschatten, bijvoorbeeld, en dat ze ook eerlijk durven zijn hierover.
 
 
Dat diegene zonder cijfers blijkbaar een groot rechtvaardigheidsgevoel heeft.
Dat ze zich duidelijk goed voelen op school.
 
Weet je, hun goede cijfers, die hebben ze aan zichzelf te danken, en aan het feit dat ze op dat vlak chance hebben. We hadden het wel verwacht, een goede score.
 
Maar thuis ervaar ik dat ander deel soms anders, als ze na 6 keer vragen nog steeds hun jas niet aan de kapstok hebben gehangen, of als ik voor de zoveelste keer moet tussenkomen in een ruzie over onnozelheden, als er wijsneuzerig wordt gereageerd op iets wat ik zeg. Dan kan ik me echt soms afvragen of wij als ouders het wel juist aanpakken.
 
Na gisteren zal ik zeker eventjes geloven van wel.
't Was precies alsof ik zelf een goed rapport kreeg!
 

zondag 8 juni 2014

Hoofdbrekens

Mijn hoofd staat nooit stil.
Geef me een onderwerp, en ik breek er mijn kop over.
 
Wat als we Win For Life zouden winnen?
Wat als ik morgen ander werk zou zoeken?
 
Hypothetische vragen. Ook andere.
 
Cremeren of begraven?
 
Vroeger dacht ik: cremeren. Het meest ecologisch, en geen gedoe achteraf. Daarna dacht ik: toch maar begraven. Zo traag een lichaam groeit, zo traag moet het ook kunnen ontbinden. Nu denk ik: couldn't care less. Laat mijn nabestaanden maar beslissen. Zij zijn het per slot van rekening die verder moeten. Dus onder de grond? Akkoord! Uitstrooien? Ook goed. In een urne op de kast? Goh ja... Ik wil dan wel nooit een urne in ons huis, maar als dat hun keuze is... Kwestie uitgeklaard.
 
Nog een succesnummer: wat zou ik anders doen, als we onze verbouwingen zouden herdoen? Voer voor urenlang gemijmer. De grondwaterput laten checken. Alle stopcontacten en schakelaars loodrecht onder elkaar hangen. Het gat tussen de keuken en de living breder maken. 
 
Ik denk geregeld ook na over het concept 'gezin': hoe gek dat eigenlijk is.
Hoe Karel en ik een keuze maakten op een bepaald moment, maar hoe dit voor onze kinderen gewoon de realiteit is. Alsof er nooit iets anders is geweest. Karel en Lieve, papa en mama, zo is het, punt. Daar stellen zij zich geen vragen bij. Voor hen bestaat er niets anders. Is dit een gegeven, geen beslissing. Uren en uren kan ik daarmee bezig zijn.
 
En over opvoeden.
 
Over hoe we drie kinderen kregen, zonder echt ooit stil te staan bij opvoeding.
Vegetarisch, ja, dat wel. Maar waarden?  
Euhm, beleefd zijn en eerlijk en respect hebben zeker?
Streng maar rechtvaardig? Terwijl ik nu denk: ik? Streng? Euhm...
 
Gelukkig was ik niet tegen tv en tegen Plopsaland en tegen prinsessenkleedjes en tegen frisdrank en tegen suiker en tegen Studio 100 en tegen roze - en ben ik daarvan allemaal niet moeten terugkeren. Meestal denk ik dat we het nog niet al te belabberd doen. Natuurlijk gaat het geregeld meer scheef dan recht. Natuurlijk! Maar dat mogen ze van mij ook gerust weten: zo is het leven. Meer scheef dan recht. Leven is vallen en opstaan. Geluk hebben, en pech hebben. Goede dagen, en mindere dagen.
 
En op een dag, toen ik weer maar eens met zulke dingen bezig was, schoot er één woord door mijn hoofd: veerkracht. Dat is het, dacht ik. Veerkracht.
 
Als ik onze kinderen één iets mag toewensen, laat het dan veerkracht zijn.
Want al kregen we het leven cadeau, vaak is het geen cadeau.
 
En toch is het dit waarmee je het moet doen. Die beperkte tijd die we hebben, dat is het, niet meer en ook niet minder. Een aantal jaren waarin er veel mooie momenten zijn hopelijk, maar ook veel lastige, zware, triestige. Een leven zonder de keerzijde bestaat niet. 

En als onze kinderen daarmee zo goed mogelijk kunnen omgaan,
als ze beseffen dat het erbij hoort en dat ze niet persoonlijk geviseerd worden,
én als ze tegelijk een gezonde dosis vertrouwen kunnen hebben in het leven,
wel, dan zou ik content zijn.

Dat ze proberen recht te krabbelen als ze vlakaf op hun gezicht vallen,
dat ze hun leven zoveel mogelijk in eigen handen proberen te nemen,
en dat ze zelf kiezen of hun glas halfleeg of halfvol is.
Dat ze beseffen dat ze sommige situaties absoluut niet in de hand (kunnen) hebben,
maar dat ze wel kunnen kiezen welke bril ze opzetten.

Als we ze dat eens konden bijbrengen.

Voila, daar zijn we ook weer uit dus.
Veerkracht.

Next.



Onze fotoalbums staan in chronologische volgorde, en zijn niet verdeeld per kind.
Hoe gaan we dat oplossen als ze het huis uit gaan?
 

donderdag 5 juni 2014

Donderdagmorgen

Omdat je er toch maar om 9h verwacht wordt.
Omdat je de kinderen al op school hebt afgezet. Omdat ze stonden te popelen om te vertrekken.
Omdat je dan maar teruggekeerd bent naar huis.
Omdat je beter wat recup neemt dan eerst naar het werk te rijden. 
Omdat je elders toch maar om 9h verwacht wordt. 

Als je dan terug in je huis komt.
Waar het opgeruimd is en stil.
Muisstil.

Om je dan in de zetel te nestelen,
en een kwartiertje verder te lezen in het vuistdikke boek
waarin je al bijna twee weken bezig bent.
 
Die 15 minuten. Hemels.