zaterdag 25 juni 2016

Worden wie je bent

Muziek vind ik soms moeilijk kiezen. Dan wil ik naar iets luisteren, maar weet niet naar wat.
(Ik kan dat ook hebben met eten trouwens.)


Soms is het zeer gemakkelijk.

Als ik bezig ben aan een kookmarathon, en de kinderen zijn in de buurt, dan luisteren we graag naar 'The Sound of Music'. Lach maar, ik vind dat gewoon geweldige muziek, en nu ik ontdekt heb dat er ook nieuwe edities bestaan met extra liedjes, gaat deze gierige pin zich die cd's zeker aanschaffen. 

Als ik iets van me moet afschudden, dan is er maar één mogelijkheid:
Passion van Catharsis, en liefst zo luid mogelijk.

Lopen heb ik jarenlang enkel met Eminem gedaan, momenteel loop ik met 800 liedjes op shuffle.

Als ik moet schrijven op het werk, brengt Elbow me vaak in de mood. Zeker hun live optreden van The Seldom Seen Kid met het BBC Orchestra: wonderschoon. Als ik een afscheidsplechtigheid moet beginnen die me zelf naar de keel grijpt, dan gaat 'The Wolf' op repeat 1 - ik ben nochtans geen Eddie Vedder fan. 

Ik grijp ook altijd terug naar Willem Vermandere, Het Zesde Metaal, en onlangs heb ik weer zeer veel naar Iron Maiden geluisterd. Soms haal ik eens een oudje uit het rek, genre Purusam of Morning Again, waar is die tijd zeg? Hand of Hope: jaaaaaaren niet naar geluisterd, en toch ken ik nog elk woord van die tekst.

Ik zou zelf geen cd van K3 opleggen, maar die muziek stoort me niet. Integendeel, De Drie Biggetjes, momenteel de favoriete cd van Marijs, vind ik eigenlijk ook wel mooi.

Om maar te zeggen: een brede smaak, zolang het maar niet te Q Music of al te elektronisch is. 
Veel nieuws komt er eigenlijk nooit bij. Ik kan niet zeggen dat ik veel recente bands ken - ik blijf altijd bij dezelfde muziek hangen. 

Toch één nieuwkomer: Stef Bos.

Een voorbereid interviewer is er twee waard, werd me verteld, dus begin dit jaar dook ik de bib in, om tot mijn grote ontsteltenis te constateren dat Stef Bos ongelooflijk veel cd's heeft uitgebracht, waarvan de eerste twee die ik beluisterde vol krassen stonden. Plan B dus: bij de nieuwe cd's vond ik ook zijn laatste worp. Aanvankelijk sprak die me niet aan. Ondertussen ben ik daar volledig van teruggekomen. Want waw: hoe mooi is die muziek! Hoe schoon kan die mens zingen. En vooral: wat heeft hij interessante dingen te vertellen. 

Zoals:

"En alles wat blijft, is worden wie ik ben"

Een 54-jarige die zingt over zijn tijd die nog moet komen: daar hou ik van. 
Stef Bos, de zingende filosoof, of de filosofische zanger,  
maakt niet uit hoe je het benoemt, maar geef mij zo'n zin, en ik ben verkocht.

Deed me trouwens denken aan het tekstje van Anna Terruwe 
dat in de running was voor Ida's geboortekaartje.

"Je mag zijn wie je bent
om te worden wie je bent maar nog niet kunt zijn.
En je mag het worden
op jouw manier 
in jouw tijd"

Zijn of worden wie je bent - ik denk daar vaak over na. 
(Ik weet het, mijn coolness-factor zakt zienderogen: eerst The Sound of Music en nu dit.)

Ik ben er echt vaak mee bezig: ben ik wie ik dacht te willen zijn? 
Is dit wat ik als kind, als tiener voor ogen had? 
Is dit het leven dat ik wil? 
Ga ik hier later (als er een later komt) tevreden op terugblikken?

Het feit dat ik op mijn werk vrij vaak met de dood en met tristesse te maken krijg, dwingt een mens ook wel in de richting van die vragen. Al is er ook de kwestie van de kip of het ei: ben ik zo geworden omdat ik mijn werk doe, of doe ik mijn werk omdat ik zo ben? 
(Ja ja, en zo blijf ik altijd maar bezig - en ook nu dwaal ik af.)

Ben ik dus wie ik dacht te (willen) zijn? 
Is dit wat ik als kind, als tiener voor ogen had? 
Is dit het leven dat ik wil? 
Ga ik hier later (als er een later komt) tevreden op terugblikken?

Het antwoord is simpel: ja.
Dit is wat ik wil. Zo voel ik me goed. 

Natuurlijk heb ik ooit van de daken geschreeuwd dat ik nooit een rijbewijs moest hebben, en nooit een computer ging gebruiken, nooit in dat boerengat V. zou gaan wonen en zeker nooit ging trouwen. Het is allemaal gebeurd... en het is goed zo. Stef Bos kan er ook mee leven:

"En ik wist: het is beter om mijn richting te veranderen
Anders raak ik op den duur mezelf kwijt"

Natuurlijk ben ik op veel dingen teruggekeerd, en misschien hoort dat ook wel zo? Tegelijk herken ik echt wel een rode draad. Al 20 jaar overtuigd vegetariër bijvoorbeeld, met een volledig vegetarisch gezin, geen sloef van Karel, ook zelf geen gendarme tegenover hem, keuzes die niet altijd simpel zijn (voor mij, voor hem, noch voor de kinderen) maar die wel juist aanvoelen.

Wat er nu is, dat is goed. 

En ja, misschien heb ik gemakkelijk praten: een stabiel gezins- en familieleven, iedereen gezond, een fijne job, een eigen thuis, toffe vrienden... Maar evengoed zou ik ontevreden kunnen zijn, want overal is er wel iets, hier ook, en daar moet je niet eens zo hard naar zoeken. Als ik één iets heb geleerd in de 37 jaar die ik hier al rondloop, is het wel dit: het gaat ook om de bril die je opzet. En ja, ook hier weer eindeloze nuanceringen, natuurlijk. Maar als ik gewoon bij mezelf blijf, in mijn leven, hoe het is voor mij, nu: zo is het goed.

 Al zijn er ontelbare alternatieven, en al sluit elke keuze talloze mogelijkheden uit: 
voor mij is dit oké. 

"Ik volg een richting zonder bestemming
Het gaat goed, het gaat vooruit
Ik heb geen missie, ik heb geen boodschap
Ik adem in, ik adem uit"

Ik verwacht trouwens ook niet meer dan oké. Nog zoiets dat ik heb geleerd: gelukkig ben je met momenten. Wie geluk als een constante verwacht, kan niet anders dan ontgoocheld zijn. 

Content dus, en dat het nog lang zo mag gaan, denk ik dan.
En loopt het al eens mank, dan haal ik er gewoon weer Stef Bos bij.

"Het wezen van de schoonheid zit in de weeffout.
De schoonheid van gebreken
Een storing in het brein
De waarheid is niet waterdicht
Er moet een gat in zijn
Een barst van tegenstrijdigheid
Al is die nog zo klein
Perfectie heeft één voorwaarde
Er moet een hoek af zijn."

zaterdag 18 juni 2016

Gierig

 Ik kan echt gierig zijn. 

Ik slaffer al mijn pantoffels binnen de kortste keren kapot. Deze ook. Nadat ik ze eerst met elastiekjes bijeenhield, wat helemaal niet bleek te werken, heb ik dan ook maar naald en draad bovengehaald. 
Want nog eens € 15 uitgeven voor een paar pantoffels, dat gaat dus niet - ik denk er zelfs niet aan. 


Ik lees zeer graag, maar het komt niet in me op om nieuwe boeken te kopen: ik ben een fervente bibliotheek-bezoeker. Wat sommige mensen net afstoot, vind ik geweldig: dat het boek dat ik lees, al door zoveel andere handen is gegaan. Ik durf wel eens tweedehands boeken kopen, zodat ik verzekerd ben van voldoende leesvoer voor op reis - zoals dit stapeltje dat al staat te wachten. Zelfs 'Het smelt' van Lize Spit vond ik al tweedehands, en gaat binnenkort ook mee naar Spanje. 


Kleren draag ik vaak tot ze op de draad versleten zijn. 
Toen Karel en ik onlangs een dagje Gent deden, en ik heel wat fijne kleren in de Brooklyn zag liggen, ging hij met twee broeken naar huis, en ik met niets. 
Vlug wat te eten of te drinken kopen in Brussel Centraal als ik nog ruim twee uur naar huis moeten sporen: liever niet, ik zorg meestal dat ik zelf wat mee heb. Gierigheid. Die betreft vooral mezelf, als ik daar zo eens wat dieper over nadenk. Ik ben zelden gierig wat cadeaus betreft, of kleren voor de kinderen, en op reis heb ik graag een eigen zwembad. 

Maar aan de andere kant:

Als ik vind dat het echt wat te droevig gesteld is met de tenues die ik meestal draag, dan kan ik in één winkel in één uur 10 stuks kopen. 

En onlangs had ik last aan mijn grote teen tijdens het lopen. 
Het was me al enkele keren opgevallen. Ik vertelde het aan de huisdokter, die sprak van een pees-blessure, waarschijnlijk te wijten aan mijn schoenen. Wat ik niet graag hoorde - want mijn Nimbussen hadden nog geen 900 km op de teller, en dat vind ik toch net te weinig voor zo'n duur paar. 

Ik besloot de Midzomerrun te Brugge af te wachten. Ik had nog nooit met mijn Brugse collega gelopen, en vermits zij van het explosieve, sprintende type is, was het best spannend, maar het ging echt voor niets. We vonden meteen hetzelfde gezapige tempo, en zonder dat de ene moest inhouden of de andere moest bijbenen tetterden we er 13 km vlotjes op los. (Ik ben overduidelijk een ambitieloze, sociale loper.)


Het lopen was top, en mijn teen zeurde van bij de eerste kilometer.

Dilemma: online bestellen, of naar het Running Center in Hulste?
Online versier je fikse kortingen, maar moeten we onze lokale handelaars niet ondersteunen? En bieden ze daar geen geweldige service eigenlijk? Had ik nieuwe Nimbussen nodig, of toch maar beter andere? Hop, naar Hulste dus... Wat een geluk dat ik dat deed.

Ik vond dat mijn Asics er op het zicht niet versleten uitzagen, tot de verkoper (die eruit zag alsof hij elke morgen voor het ontbijt een marathonnetje loopt) me wees waarop je eigenlijk moet letten. De uitleg die ik kreeg, deed me ook begrijpen waarom mijn teen pijn deed, en dat apprecieerde ik echt, iemand die weet waarover hij praat. Hij vertelde me dat veel Nimbus-lopers steeds minder kilometers uit hun schoenen halen, en dat dat een reden is om voor andere modellen te kiezen. "Ik ga eens een aantal paren brengen die goed zijn voor jou."

Hij bracht er een stuk of vier, waarmee ik een toertje mocht gaan lopen op straat.
De Asics Kayano voelden erg vertrouwd aan. 
De New Balance 1260V5 liepen helemaal anders, maar ook aangenaam. 

Ik wist niet welke kiezen.


En dan eindigt het, zonder nadenken, in:
"Oh well, ik neem ze gewoon alle twee."

Selectief gierig zeker?

maandag 6 juni 2016

A little trip down to memory lane

Een ruime zolder heeft veel voordelen, maar ook één groot nadeel:
je slingert er alles op. Nochtans weet je dat het er ooit weer af moet, 
want werkelijk niemand heeft interesse in je cursussen Nederlands, Engels en geschiedenis uit het middelbaar. En als je die zolder nooit eens opruimt, dan hebben de kinderen dat aan hun been over zoveel jaar. Ook niet echt een cadeau.


Vermoedelijk gaan ze geen behoefte hebben aan een grijsgedraaide videocassette met eigenhandig opgenomen afleveringen van Buiten de Zone.

Hopla, de vuilniszak in.


Ik was nochtans niet van plan om de zolder op te ruimen.

Het was begonnen met de kleerkast van Ida, winterkleren die uit de weg moesten, de nood aan grote bakken om spullen te groeperen, een bezoekje aan de Ikea... om uiteindelijk op de bovenverdieping te belanden. Wat eigenlijk best fijn was. Grote zakken voor Inti, de Kringwinkel en het containerpark werden naar beneden gesleurd. Opgeruimd staat netjes, maar het fijne zat hem in de trip down to memory lane.

Ik kan namelijk vaststellen dat ik nog altijd de persoon ben die ik toen al was.

Ongeduldig bijvoorbeeld,


met een duidelijk handschrift en een voorliefde voor taal,
(het is geen toeval welke curssen ik nog liggen heb, en van welke er al jaren geen sprake meer is)


en boeken. 


Al heb ik blijkbaar ook dingen gelezen en geleerd waarvan ik nu denk:
 "Huh? Ik snap er de ballen van!"


Snel praten zat er ook al altijd in, zo blijkt.


Ik vond feministische boeken terug die nu in de geefkast van de bib staan,
een doos vol puzzels, 
en schoendozen vol kaartjes en herinneringen, 
zoals ik die nog altijd bijhoud voor onze kinderen.

Ik vond Petertje terug, de pop-met-het-been-dat-altijd-afviel-en-maar-één-oog, 
Petertje die het altijd gehaald heeft van Lena (de pop met het blonde haar) en Dimitri (de echte babybop) - van wie er dan ook totaal geen sporen meer te vinden zijn in huis.


Eén van mijn nakomelingen heeft duidelijk die liefde voor sukkelaartjes en verstotenen geërfd, want Petertje werd liefdevol geadopteerd. Oef! Want Petertje in een vuilniszak: dat ging ik echt niet over mijn hart krijgen, alle rationele overwegingen ten spijt.

 Ook deze dook plotseling op.


Ik heb weinig behoefte om erin te lezen, 
maar het is duidelijk dat ik altijd al graag geschreven heb.

(Al mogen jullie dit later zonder scrupules weggooien, kroost van mij!
Maar voorlopig laten we die toch nog eventjes in een doos liggen. 
We hebben toch plaats zat op zolder.)

maandag 30 mei 2016

Het dagelijkse gangetje...

Die ene deadline op mijn werk viel op 9 mei, dus ik dacht:
Oef! Ademruimte! Tijd!

En het is een feit: het strakke touw zat losser. Zeker.
Bovendien waren het vooral de feestelijke voorbereidingen die ik had uitgesteld,
en die wegen niet zo zwaar.

Maar.

Ik besprak ook een acute euthanasievraag.
Ik speelde een rouwspel.
Ik sprak verschillende mensen die lijden om verschillende redenen.
Ik ging langs bij een hoogbejaarde die me, net als de keer ervoor, vroeg
 "Waarom ben ik hier eigenlijk nog?"

Ik schreef ook drie begrafenissen,
waarvan één voor een ontstellend jong iemand,
die bovendien zeer dierbaar was voor vrienden die mij zelf zeer dierbaar zijn.
  Ik sprak die begrafenis ook zelf uit.
Dat is gegaan zoals ik had gehoopt,
maar de dagen voordien wogen zwaar.
Nog maar denken aan wat me te doen stond,
en de tranen konden me al in de ogen springen.
Niet zozeer van de zenuwen, wel van pure spanning,
die ook achteraf niet meteen uit mijn lijf verdween.

Een namiddag later moest ik een voordracht over rouw voorbereiden, maar het ging niet.
Echt niet. Teveel tristesse op te korte tijd.

Ik besef nochtans zeer goed dat ik niet diegene ben die lijdt.
Tuurlijk niet. Ik beluister de verhalen, stel de nodige vragen, en zorg dat ik datgene aflever waarvoor die mensen bij ons aankloppen. Maar toch. Veel en hevig en kort op elkaar, dat laat zich voelen.

Gelukkig vond ik genoeg tegengewicht in een verlengd weekend Nummer 81.

Een uitputtende, meer dan ruime Ten Miles met Rebecca en Alain.

Een lunchdate in het zonnetje met vriendinnen.

Een dolgelukkige jarige.


Aperitieven en snoepen en donuts en boules de Berlin.

Lekker veel cadeautjes.
Een feestje met de familie.

Een slaapfeestje met 4 giechelvriendinnen.

Lichte, luchtige, leuke dingen, die deugd deden. En ik dacht:

"Het is nu dat we de herinneringen maken voor later -
wie weet hoe hard we ze nog gaan nodig hebben."

zondag 22 mei 2016

Terug!

Als ik deze blog had kunnen printen, dan was hij allang van het wereldwijde web verdwenen. Helaas weet ik nog steeds niet hoe en ben ik te lomp om het te gaan uitzoeken, dus heb ik alles maar gewoon gelaten zoals het was. Ik lees nog veel blogs, maar miste het bloggen zelf niet. Bovendien worden onze kinderen steeds ouder, gaan die ook online, en horen ze van vriendjes 'ik lees jullie blog', zonder dat ze zelf van het bestaan ervan wisten. Voelde niet meer oké aan. Per slot van rekening gaat er veel over hen. 

Blijkt nu dat deze blog hen totaal niet boeit. Ida en Palle hebben er elk één keer naar gekeken, en besloten daarna dat you tube filmpjes over de Lush en rollercoasters boeiender zijn. Bovendien denk ik niet dat er voor hen genante dingen te lezen zijn. Dus ach, misschien mag Nummer 81 gewoon blijven bestaan, zonder er al teveel over na te denken, en kunnen we op regenachtige zondagnamiddagen met zijn allen eens wat jaren terugbladeren in ons leven. Dat doe ik wel eens op een onbewaakt moment - and I love it.

Eigenlijk zijn er veel dingen die ik love.
Zo vind ik het geweldig hoe geweldig Karel zijn Bullit vindt.


De voorbije maanden waren bij momenten superdruk, maar ze waren ook fijn. 
Echt fijn. We hebben toffe dingen gedaan - als ik iets geleerd heb de laatste jaren, dan is het dat je de toffe dingen zelf actief moet opzoeken, dat die niet uit de lucht komen vallen.

En we hebben ons best gedaan.

We gaven wat minder cadeaus voor nieuwjaar, en deden uitstapjes in de plaats.


We vierden verschillende verjaardagen in de familie en ook thuis,
we begonnen aan de nieuwe badkamer, en Karel begon aan de vijver.


We gingen op weekend naar het wonderschone Lommel, 
waar we zeker nog eens willen terugkeren,




We hadden het ook allebei druk op het werk.
De twee weken paasvakantie die ik had voorzien,
bracht ik grotendeels achter mijn pc aan mijn bureau door.
Dat ik het verlof niet kon nemen, daar baalde ik wel van,
maar dat ik moest gaan werken, vond ik eigenlijk niet erg.

Mijn job blijft mijn droomjob,
en al heb ik in de voorbije twaalf jaar nog nooit zoveel professioneel gestressed als de voorbije maanden: eigenlijk geniet ik er ook wel van. Uitdagingen genoeg alleszins.

Ik won tickets voor Admiral Freebee waarmee ik Karel en Steven zotcontent maakte,


en uit contentement nam Steven mij mee naar Stef Bos,
waar ik kon genieten van het optreden zonder zenuwachtig te zijn voor het interview achteraf, 
zoals enkele weken eerder het geval was. 

(Nummer één qua uitdagingen!)



(Maar schijnbaar viel het mee)

En over winnen gesproken. 
Ida nam de fiets in gebruik die we vorig jaar wonnen met 
'Met Belgerinkel naar de Winkel',


en gisteren ontdekte ik dat ik deze Stella Mc Cartney sporttas heb gewonnen
op deze geweldige blog. Er zijn veel loopblogs, en iedereen lijkt sneller, eleganter en gemakkelijker te lopen dan ik.  Geef mij dus maar Francine, die lopen op een voor mij herkenbaardere en realistischere manier beschrijft.

Feit is wel dat ik nog steeds meer dan geregeld, en zeker nog altijd met plezier, mijn loopschoenen aantrek. Zoals die keer dan Marijs naar een feestje ging, en Palle en Ida naar de chiro. De twee en half uur kindvrije uren die dat opleverde, vulden Karel en ik als volgt in: 

kinderen afzetten, naar zee rijden, uitstappen,
lopen door regen, wind en pijnlijk striemende hagel
rennen tot aan de auto, vertrekken, kinderen ophalen. 


Machtig was dat,
vooral toen we omkeerden in Frankrijk, 
en konden teruglopen naar België met wind in de rug, 
en de zon er eindelijk door kwam.



Het valt me trouwens op dat ik graag foto's neem waar veel lucht op staat,
en soms eens een eenzame aap.


Leuke, drukke weken dus.

Zou ik daarover blijven bloggen of niet?
Eigenlijk weet ik het niet, en misschien moet ik er niet over nadenken,
en gewoon doen wat er in me opkomt.

zaterdag 6 februari 2016

Count your blessings

Ik hou niet van januari. Dat schreef ik toen ik niet eens besefte dat we nog geen maand later écht reden van klagen en janken gingen krijgen.Sindsdien is mijn voor- of afkeur voor maanden en seizoenen sterk geminderd. 

Sinds we ons op het werk bovendien steeds meer richten op rouw, dringt het alsmaar meer door dat ik elk moment moet meepikken, want het kan zo gedaan zijn. Dat klinkt misschien nogal aanstellerig, want huhuh, we weten toch allemaal dat het leven eindig is? Tuurlijk weten we dat, maar door mijn job ben ik daar letterlijk dagelijks mee bezig. En dat heeft zijn impact.

Al heeft mijn werk een sérieux die soms te zwaar doorweegt, toch zie ik er vooral de voordelen van in. Het leert me details te relativeren, en te focussen op de kern. Ik zou haast durven zeggen dat ik me bij momenten behoorlijk zen voel. En komen er dan kwetsende woorden, onaangename situaties,  belachelijke meningsverschillen, dan kan ik steeds beter denken: "Tant pis."

Want ik heb echt iets geleerd vorig jaar, echt waar.
Het klinkt vreselijk naïef, maar ik probeer elk moment te koesteren.
Misschien net omwille van het besef dat er maar één zuchtje nodig is 
om de hele boel als een kaartenhuisje te doen ineenstorten. 

En zolang het nog niet zo ver is, moeten we ervan genieten.
Aan zee bijvoorbeeld, samen, met ons vijven. 







Door onze schone werkuren, maar al evenzeer door een redelijke doorgedreven organisatie hier in huis, kunnen we eigenlijk wel genoeg tijd maken voor zulke dingen. En voor andere. 

Karel maakte zijn houten beeld af, net zo ontoerend als zijn eerste.
Zijn volgende heb ik al geclaimd om in mijn bureau te zetten. 


Moet lukken, nu zijn kot afgewerkt en ingehuldigd werd. 



Ik blijf lezen ondertussen -
al ben ik nu, begin februari, nog maar twee boeken ver. 
Dat beide boeken samen meer dan 1000 pagina's besloegen, zat daar natuurlijk voor iets tussen. 

Wanneer Ida naar de Kinder- en Jeugdjury gaat, placeer ik me in de rode zetel in de bib naast de mama die er de vorige keer ook zat. (Ik vroeg me trouwens nog af waar de bibliothecaris heen ging met zijn fototoestel.) Boek nummer 3, ook 600 pagina's.


Verder probeer ik nog steeds wat op mijn voeding te letten, zelfs al ben ik alweer content met het cijfer op de weegschaal - en dat lukt best wel goed tijdens de werkweek. Toch één voordeel aan het feit dat een weekend maar twee dagen telt.


Om te lopen maak ik ook nog altijd tijd, en nu ik dat volledig ambitieloos doe gaat dat echt bijzonder vlot. Zodanig zelfs dat ik op mijn eigen manier een beetje een strever word: toen ik mijn vooropgestelde januari-doel van 100 kilometer niet haalde omwille van een nekblokkade, ging ik na mijn bezoekje aan de osteopaat zelfs twee dagen na elkaar lopen. Tsjakka: saldo januari104 km, heerlijk op mijn gemakje met Iron Maiden in mijn oren.


Al moet alles goed vooruit gaan bij mij (behalve als ik loop, dan): ik probeer stil te staan bij wat mooi en goed is. Bestond er vroeger geen blogreeks 'count your blessings'? Ik denk dat ik er eindelijk aan toe ben om deel te nemen.


Maar natuurlijk is niet alles altijd even koek en ei, amai nog niet. Mijn nek deed pijn, bepaalde woorden kwetsten me, als ik moe ben kan ik niets verdragen, en sowieso kan ik van nature erg onredelijk en lichtgeraakt reageren. Maar ontspannen leven kan dus, zeker als er voldoende tijd is: een mooi evenwicht tussen werk en thuis, tussen mezelf en anderen - en op dat vlak was januari een topmaand.

Al ben ik een pak minder zen als er accidenten gebeuren in de keuken.